Ministerie van VROM
Interview - Nieuwe bodembeleid is nog geen gedane zaak
Gerd de Kruif is per 1 februari directeur Uitvoeringsprogramma Bodemconvenant. Voor de komende vijf jaar is door het kabinet 660 miljoen euro beschikbaar gesteld om ernstig verontreinigde grond op de meest urgente locaties in Nederland aan te pakken. "We zitten in een spannende periode, waarin mooie slagen gemaakt kunnen worden."
Het bodembeleid is gedecentraliseerd. Daardoor ligt er meer verantwoordelijkheid bij de lokale overheden. Inmiddels is de problematiek rond bodemverontreiniging inzichtelijker geworden. Voor de uitvoering van de sanering van de bodem heeft het Rijk een convenant gesloten met provincies, gemeenten en waterschappen. Daarin staat dat zij voor het einde van het jaar samen zogenaamde ‘humane spoedlocaties’ willen aanwijzen. Dat zijn locaties waar de verschillende overheden de komende vijf jaar mee aan de slag moeten gaan.
Vernieuwd bodembeleid
Bodembeleid heeft te maken met nog een factor, namelijk beleidsvernieuwing. Dit nieuwe bodembeleid is meer gebiedsgericht. Dat wil zeggen dat de bodem meer is gekoppeld met ruimtelijke ontwikkelingen, grondwater en andere belangrijke elementen die een relatie hebben tot de bodem. Dat maakt het bodembeleid meer integraal dan het was.
Belangrijk voor Nederland
De directeur Uitvoeringsprogramma Bodemconvenant vertelt dat hij het leuk vind om hiermee aan de slag te gaan. "Het is een concreet onderwerp. In het verleden waren er enorme saneringen die veel aandacht kregen, denk maar aan Lekkerkerk. In de wereld van bodembeheer gaat veel geld om. Daarnaast is de bodem ook belangrijk voor ons land. Het is de drager van het landschap. Alles komt eruit voort. Als er ergens bodemverontreiniging is dan zijn er direct betrokkenen. Politiek gezien is het daarom een belangrijk onderwerp. VROM heeft zich daar altijd verantwoordelijk voor gevoeld en zal dat op systeemniveau zeker blijven. Voor de uitvoering en de regionale oplossingen hebben de gemeenten en provincies meer ruimte gekregen om daar hun afwegingen te maken. Daarom werken ze nu samen met ons aan de uitvoering van het bodembeleid."
Ondergrondse ruimtelijke ordening
En hoe zit het dan nu met de ruimtelijke ordening van de ondergrond? Krijgt dat nu ook de volle aandacht? "Daar zijn de meningen over verdeeld", vertelt De Kruif. "De ruimtelijke ordening van de ondergrond krijgt nu aandacht. In het verleden gebeurde er in de ondergrond veel zonder enige afstemming. Het streven is om daar met één visie mee om te gaan. Daarom komt er een Rijksvisie op de ondergrond. Het is dus nooit weggezakt, maar het zal nu wel meer de aandacht krijgen."
Uitdagingen
De Kruif kijkt uit naar een spannende periode voor het bodembeleid. "Ik ben ervan overtuigd dat het succesvol zal zijn. Als je naar de geschiedenis van het bodembeleid kijkt dan zie je dat het zich steeds verder heeft ontwikkeld en inzichtelijker is geworden. We zullen nu mooie slagen kunnen maken. De samenwerking met de overheden maakt het wel spannend. Dat is iets wat niet per definitie soepel verloopt. Daarnaast hebben we nu te maken met heroverwegingen, financiële crisis en taakstellingen. Je weet niet wat voor consequenties die hebben voor het bodembeleid."
Geen gedane zaak
"Ook de verbinding leggen met andere vraagstukken is een grote opgave. Mijn eerste indruk is dat er veel gedreven mensen werken met bodem, maar een deel daarvan richt zich vooral op bodem en niets anders. Het gaat nu om een verbreding van het werkterrein. Kortom, al deze zaken moeten nog een positieve uitwerking krijgen. Het is zeker nog geen gedane zaak, maar ik geloof in het succes. Daar voel ik me dan ook verantwoordelijk voor. "
Meer informatie over het bodembeleid van VROM leest u op:

